
Myofunctionele therapie richt zich op het behandelen van afwijkend mondgedrag, waarbij de spieren van mond en aangezicht niet optimaal functioneren of verkeerd worden gebruikt.
Dit kan onder andere voorkomen bij:
-
Speen-, duim- of vingerzuigen
-
Verkeerd slikpatroon (tongpersen)
-
Openmondgedrag
-
Mondademhaling (met snurken en/of kwijlen ‘s nachts)
-
Overmatig liplikken, nagelbijten of zaken in de mond steken
​
Afwijkend mondgedrag kan gevolgen hebben voor spraak, slikken, gebitsstand, ademhaling, stressregulatie, houding en algemene gezondheid. Vroege detectie en gerichte therapie zijn daarom belangrijk, zowel bij kinderen als bij volwassenen.
​
De therapie bestaat uit het aanleren van correcte mondgewoonten en -gedrag, met veel aandacht voor motivatie en opvolging in de thuissituatie. De omgeving speelt hierbij een cruciale rol: ouders of partners worden actief betrokken om duurzame resultaten te bereiken. Ook hier staat het comfort en het welbevinden van de cliënt altijd voorop.
